40 baby vakantietips

40 baby vakantietips

Snoetenpoetsers, zwemluiers en kindermuziek zijn onmisbaar in de koffer als je met je baby op vakantie gaat.

Deze en nog 37 andere tips lees je in dit artikel.

Wedden dat jullie vakantie met je baby een feestje wordt?

 

  1. Informeer bij de GGD of je inentingen nodig hebben voor het land waar jij naar toegaat. Overleg met de huisarts of deze prikken misschien conflicteren met de inentingen die je baby die week krijgt.
  2. Vraag altijd een schriftelijk bewijs van de aanwezigheid van een weekendbedje. Doe je dat niet dan kan de vakantie met een onaangename verrassing beginnen.
  3. Denk goed aan alle spulletjes die je voor je baby nodig hebt. snelste weg naar vakantie
  4. Ga van te voren na wat de snelste weg is naar je bestemming als je met de auto gaat. Je baby geniet niet zo van het uitzicht op de mooie weggetjes als jij.
  5. Neem op reis bevroren flesjes water mee. Ze ontdooien vanzelf maar blijven lang lekker koel.
  6. Neem een tas met proviand mee. Denk aan koekjes, boterhammen en fruit. Fruit is ook nog eens goed tegen de dorst.
  7. Snoetenpoetsers dienen ook als handenwassers!
  8. Download leuke kinderliedjes of neem een leuke CD voor de kinderen mee.
  9. Bevestig het autostoeltje goed. Let erop dat je niet al te veel spullen naast het autostoeltje in de auto ‘propt’. De kans bestaat dan dat je met een koffer het stoeltje verschuift.
  10. Leg geen losse spullen op de hoedenplank of op de achterbank. Als je namelijk plotseling moet remmen worden deze losse materialen als een projectiel op je kindje afgevuurd.
  11. Zorg dat je het zonneschermpje van de autostoel groep 1 bij je hebt.
  12. Koop een paar losse zonneschermen die je op de ruiten van je auto kunt bevestigen.
  13. Rij nooit langer dan anderhalf tot twee uur achter elkaar. Je kindje, hoe jong dan ook, heeft dan even wat bewegingsvrijheid nodig. Neem voor een jonge baby een boxkleed mee dat je in het gras kunt leggen. Hij kan zich dan even lekker ontspannen en bewegen. Ga naast hem in het gras zitten en speel gezellig even samen.
  14. Zet je auto in de schaduw als je pauze houdt.
  15. Zorg dat je verschillend speelgoed meeneemt. Geef niet alles in één keer aan je kindje. Als je het in je tas houdt en steeds wat anders geeft geniet hij langer van het speelgoed.
  16. Neem genoeg eten en drinken mee. Vooral het drinken is erg belangrijk. Bewaar de flesjes babyvoeding in een koelbox. Er bestaan speciale flessenwarmers voor in de auto. Wel zo handig! Dan hoef je nooit naar een restaurant te gaan om daar eerst een uur in de rij te staan.
  17. Peuters kunnen nog wel eens wat knoeien met het drinken in de auto. Gebruik daarom een antilekbeker. Dat voorkomt een natte achterbank én natte kleding.
  18. Neem wat hydrofiel washandjes mee. Maak ze even nat en geef deze aan je kindje om tegen het gezichtje te houden. Dat werkt heerlijk verkoelend! Een baby help je natuurlijk een handje!
  19. Zet nooit twee ramen tegen elkaar open in de auto. Dit zorgt voor tocht. Let ook op met de airconditioning. Natuurlijk maak je de auto daar heerlijk koel mee, maar deze koude lucht is snel te veel voor een pasgeboren baby.
  20. Neem wat speciale baby of peutermuziek mee. Je kindje geniet ervan!
  21. Check als je met het vliegtuig gaat vroeg in of doe dit via het internet. Zo kan je een stoel reserveren waar je genoeg ruimte hebt om je baby in een speciale reiswieg (krijg je in het vliegtuig) een beetje te laten slapen.
  22. Zuigen is goed tegen de oorpijn die je kan krijgen bij het opstijgen en landen van het vliegtuig. Neem dus een flesjes, speen of een snoepje mee voor je kind.
  23. Doe het de eerste vakantiedagen extra rustig aan. Goed voor de ontspanning en goed voor je kind. Zo kan hij langzaam wennen.
  24. Neem wat potjes Nederlands voedsel mee. Je kind kent deze potjes en zal er dus goed op reageren. Neem de potjes ook mee als je in een restaurant gaat eten. Als hij dan niets lust van de (hele andere!) menukaart, kun je hem toch wat eten geven.
  25. Doe je kindje altijd en polsbandje met je naam en telefoonnummer om.
  26. Zet je baby nooit in de volle zon. Schaduw is echt beter. Als de zon even niet te vermijden is gebruik je het parasolletje.
  27. Smeer je kindje altijd in met een zonnebrandcrème die speciaal voor kinderen geschikt is.
  28. Blijf in de heetste uurtjes van de dag binnen of trek je terug in de volle schaduw.
  29. Zet je kindje altijd een hoedje op in de zon. Dan bescherm je het hoofdje.
  30. Ook de oogjes moeten beschermd worden tegen de zon. Gebruik een goede kinderzonnebril.
  31. Trek je baby, dreumes of peuter licht katoenen kleding aan.
  32. Probeer zoveel mogelijk het ‘normale’ dagschema te volgen. Vooral in de eerste dagen.
  33. Om te slapen heb je vast je eigen ritueel. Probeer dat ritueel ook te doen als je op vakantie bent.
  34. Als je kind diarree heeft geef je hem veel te drinken.
  35. Teken verwijder je alleen met een speciale tekenpincet. Vergis je niet in deze kleine wezentjes! Ze zijn veel gevaarlijker dan je denkt. Teken mag je niet eerst ‘versuffen’ met alcohol. Dit is een groot fabeltje.
  36. Zand of steentjes in een wond? Even afspoelen onder de kraan met lauw stromend water. Daarna ontsmetten.
  37. Neem voldoende rust op de vakantie en ga niet iedere dag iets anders bezoeken. Dan doet je kindje teveel indrukken op.
  38. Pak niet je koffers in waar je kindje bij is. Hij ziet dan dat jullie weggaan en daardoor kan hij heel onrustig worden.
  39. Maak er een regel van bij het zwembad: altijd zwembandjes om. Soms kun je oefenen zonder, maar natuurlijk alleen als jij met je kindje samen bent.
  40. Gebruik nooit gewone luiers als je baby zwemt. Deze nemen lucht op waardoor je baby’s billen boven water komen, en zijn hoofdje onder water gaat.