Vaccinatie

Het toedienen van een vaccin, d.w.z een preparaat op basis van (delen van) micro-organismen (bacteriën en virussen) dat immuniteit opwekt tegen infectieziekten. Vaccinatie vindt meestal plaats door middel van een injectie. De vaccinaties die in het Rijksvaccinatieprogramma zijn opgenomen, zoals de inenting tegen difterie, kinkhoest, tetanus en polio (DKTP) en bof, mazelen en rodehond (BMR), beschermen kinderen en volwassenen tegen deze doorgaans ernstige ziekten.

De vaccinaties zijn niet wettelijk verplicht, maar vrijwel niemand in Nederland laat zijn of haar kinderen niet vaccineren, omdat vaccinatie als een vanzelfsprekend onderdeel van de zorg voor het kind wordt beschouwd. Vaccinatie wordt in een zeer beperkt aantal gevallen (circa 1 op de duizend kinderen) om medische redenen niet uitgevoerd.

Verder zijn er relatief kleine groepen die om religieuze redenen hun kinderen niet laten inenten. Deze niet-gevaccineerde kinderen lopen een grotere kans op het krijgen van ziekten als bof en polio. Daarmee lopen zij bovendien het risico blijvende schade door deze aandoeningen te krijgen.