Mentale sprongen van je baby in het eerste jaar

Mentale sprongen van je baby in het eerste jaar

Mentale sprongen van je baby in het eerste jaar

Waarom maken alle baby’s rond dezelfde tijd zo’n moeilijke periode door? Baby’s huilen tijdens een sprongetje niet voor niets. Hun ontwikkeling verandert plotseling drastisch. Dat is goed: het geeft ze de mogelijkheid om nieuwe dingen te leren. Het ‘lastig zijn’ is dus eigenlijk een signaal dat er fantastische vooruitgang wordt geboekt. In dit artikel lees je over de mentale sprongen die baby’s het eerste jaar maken.

Net als de lichamelijke groeispurts die een kind kan maken, verloopt ook de mentale ontwikkeling van kinderen met sprongen. Neurologisch onderzoek heeft aangetoond dat zulke sprongen gepaard gaan met veranderingen in de hersenen. Oei, ik groei! beschrijft de tien sprongen in de mentale ontwikkeling die iedere baby doormaakt in zijn eerste twintig levensmaanden. Het boek vertelt hoe een baby’s kijk op de wereld met iedere sprong verandert en hoe hij dit inzicht kan gebruiken om nieuwe vaardigheden te ontwikkelen, vaardigheden die hij nodig heeft voor zijn verdere ontwikkeling.

In het eerste jaar gaat je baby door maar liefst acht sprongen heen. Acht keer gaat je kind een nieuwe wereld binnen, waarin hij nieuwe waarnemingen kan doen waartoe hij eerder niet in staat was. Hoe moet je dat voor je zien? Hieronder geven we je een korte blik in de wereld zoals je baby die ervaart bij elke sprong.

5 weken: groeien en een traan

Alles wijst erop dat je baby rondom deze sprong een snelle rijping meemaakt van stofwisseling, ingewanden en zintuigen. Hij is duidelijk meer geïnteresseerd in de wereld om zich heen en kan nu ook voorbij de afstand van 20 tot 30 centimeter iets beter zien. Als moeder merk je dat je baby opeens meer reageert op jou en anderen. Je baby kan voor het eerst of veel vaker dan voorheen een traan produceren.

8 weken: De wereld is geen ‘soepje’ meer

Vanaf dit sprongetje beleeft je baby de wereld niet meer als één geheel, als een ‘soepje’. Hij begint vaste ‘patronen‘ in dit soepje te onderscheiden. Bijvoorbeeld: hij ontdekt zijn handen. Hij bekijkt ze verbaasd en draait ze rond. Je baby raakt veel automatische reflexen kwijt, en begint de dingen die hij met zijn lijf doet ‘bewust’ te voelen. Alle bewegingen die je baby maakt zien er nog heel erg houterig uit.

12 weken: Het geheim van vliegtuigje spelen

Het hele eerste jaar leert je baby dingen die voor ons als volwassenen zo simpel zijn, dat we er niet meer bij stil staan. Maar voor baby’s zijn ze het hoogst bereikbare en dus hun piekervaringen. Zo volgen op de vaste ‘patronen’ de ’vloeiende overgangen.’ Je merkt dan dat je baby minder houterig, minder robotachtig gaat bewegen. Die verandering klinkt door in de manier waarop hij met zijn stemgeluid speelt. Deze ontwikkeling is de reden dat baby’s zo graag vliegtuigje spelen, waarbij ze in je handen door de kamer vliegen, steile duikvluchten maken en weer opstijgen – om maar een voorbeeld te noemen.

19 weken: Klap eens in je handjes, blij blij blij

De volgende wereld is die van de ‘gebeurtenissen’. Tot je baby dit sprongetje maakte kon hij maar één vloeiende overgang waarnemen. Nu kan hij een korte serie van ‘vloeiende overgangen’ zien, horen, ruiken, proeven en zelf maken. Voorbeelden hiervan zijn een stuiterende bal, een zwaaiende hand of iets pakken met je hand. Je baby geniet van de klassieke kinderliedjes met gebaren, zoals ‘klap eens in je handjes’.

26 weken: In, op, achter, voor en hoe ver?

Als je baby bijna een half jaar is, gaat hij de wereld van ‘relaties’ in. Hoe staat het een in verband met het ander? Het gaat hierbij ook om simpele dingen, zoals de afstand tussen dingen en de plek die dingen hebben ten opzichte van elkaar: een blokje in een blokkendoos, erachter, erop of eronder, bijvoorbeeld. Misschien gaat je baby opeens huilen als je wat verder van hem af gaat. Dat is heel normaal. Je baby snapt nu dat de afstand tussen jullie groter wordt!

37 weken: Kijken, vergelijken en indelen

Nu volgt de wereld van de ‘categorieën’. Nu moet je baby leren dat een hond geen paard is. Of dat een zwart-wit gevlekte poes geen koe is. Dat vergt heel veel kijken en vergelijken en je baby gaat er in deze periode graag met jou op uit, de wijde wereld in.

46 weken: Daarom vliegt de pap door de lucht!

In de wereld van de ‘opeenvolgingen’ leert je baby de stroom van gebeurtenissen en relaties herkennen en beheersen. Pap eten met een lepel bijvoorbeeld, betekent: grijp de lepel, stop de lepel in de pap, schep wat pap op de lepel, breng de lepel naar je hoofd en stop hem in je mond (en niet in je oog). Het hele programma ‘pap eten met een lepel’ kan je baby nog niet aan, maar twee of drie onderdelen achter elkaar wel: ‘grijp de lepel, stop hem in de pap en pets hem lekker op en neer’, bijvoorbeeld. Als je je baby zijn gang laat gaan, geeft dat een ongelooflijke troep. Maar met een zeiltje onder de kinderstoel en een hoop geduld is dat een diepte-investering die zich dubbel en dwars terugbetaalt.

55 weken: De afwas doen is een groot feest

Nu is je baby in staat om een hele keten van handelingen als één ding te zien. Hij weet dat een vies bord in het water moet, dat je de borstel erover heen haalt, het bord in het afdruiprek zet en dat dat geheel ‘afwassen’ is. Hij vindt het heerlijk om je te helpen met dit soort klusjes. En natuurlijk met lekker veel sop!

Alles over de sprongen lees je in het boek Oei, ik groei!

Wil jij de gratis sprongenwekker ontvangen die jou per mail vertelt wanneer je baby een sprongetje in zijn mentale ontwikkeling maakt? Meld je dan aan voor de gratis Oei, ik groei! Sprongenwekker

Lees ook: