Ontwikkeling van het babybrein: 2-6 maanden

Ontwikkeling van het babybrein: 2-6 maanden

Ontwikkeling van het babybrein: 2-6 maanden

Nadat je baby in de eerste twee maanden druk in de weer was met zijn zintuigen, zie je dat er nu nog meer gedeeltes actief worden. De hersenen zijn nu ook zichtbaar druk met taal en beweging.

Tijdens de eerste twee maanden na de geboorte spelen zich in de gedeeltes van de hersenen die met aanraking, huilen, eten, horen en zien te maken hebben, bijzondere dingen af. Tijdens de vier maanden daarna (2-6 maanden) zie je dat de hersengedeeltes die over het horen, aanraken en zien gaan, nog steeds erg actief zijn.

Echter, de gedeeltes in de hersenen die bij taal en beweging een rol spelen, zijn nu ook erg actief geworden. De gedeeltes in de hersenen die tot deze periode erg actief waren (huilen en voeding) zijn nu op een ‘normaler’ niveau actief. Dat wil zeggen: niet meer extreem actief. Ze doen gewoon hun werk, en blijven dat levenslang doen. Tijdens deze periode maakt je baby de sprongen van ‘patronen’, ‘vloeiende overgangen’ en ‘gebeurtenissen’.

Aanrakingen: dat voelt anders!

Het gedeelte in de hersenen dat te maken heeft met aanrakingen blijft actief, maar nu ook op een andere manier dan voorheen. Een baby blijft zich getroost voelen en positieve gevoelens bij lieve aanrakingen houden, maar nu gaat hij zelf ook dingen aanraken. Vanaf het moment dat je baby zijn handen en voeten gaat gebruiken (zelfs voordat hij bewust gaat pakken, en dus gewoon ‘per ongeluk’ ergens tegenaan komt, (zie ook hoofdstuk 7, ‘Ontwikkeling van de handjes’) leert hij dat dingen aanraken anders aanvoelt dan wanneer hij zelf wordt aangeraakt.

Wat is mijn lichaam?

Ook leert hij nu het verschil te voelen tussen het aanraken van zijn eigen gezicht en dat van een ander. Raak je je eigen gezicht aan, dan registreren je hersenen immers twee soorten aanrakingen: die van je hand die iets aanraakt, en die van je gezicht dat aangeraakt wordt.

Zo zou je kunnen stellen dat het gebied dat ‘aanrakingen’ in de hersenen registreert verantwoordelijk is voor het leren van de grenzen van het lichaam. Wat is mijn lichaam en waar eindigt het? Dat is een heel ontdekkingsproces. Het aanraken van objecten en dingen in de omgeving draagt in grote mate bij aan het ontdekken van de wereld. Iets waar je baby nu erg mee bezig is.

Beweging: de hersenen als controlecentrum

Ook het gedeelte in de hersenen dat verantwoordelijk is voor beweging is nu zeer actief. Dat merk je vanzelf aan je baby. Hij is immers met de week meer aan het bewegen en kan per week meer doen met zijn lichaam. Maar pas op, hier ligt een grote valkuil! Om lichamelijk iets te kunnen doen, heb je (simpel gezegd) twee dingen nodig: een spier-en-bottenstelsel en de hersenen.
De spieren en botten moeten het fysieke kunstje doen. Ze moeten dus sterk genoeg zijn. De hersenen moeten de bewegingen kunnen registreren en de spieren kunnen aansturen. Als de hersenen bijvoorbeeld nog niet hebben geleerd om ‘balans’ te registreren, kan je baby nooit iets uitvoeren waarbij hij in balans moet blijven, zoals zitten.

Het brein als ‘controlecentrum’

De hersenen zijn het ‘controlecentrum’. Het gedeelte dat beweging registreert, is zeer actief en ontwikkelt zich ook nog eens mooi op gezette tijden. Dat is nu precies waar het over gaat tijdens de sprongen die je in Oei, ik groei! leest. Je weet precies wanneer zich wat mentaal ontwikkelt bij je baby.

In Oei, ik groei! lees je ook wat je baby kan gaan doen na die sprong. Je vindt in het boek een lijst met vaardigheden waarvan de hersenen, het ‘controlecentrum’, vanaf nu in staat zijn die aan te sturen. Maar dan moeten de spieren en botten het ook nog goed genoeg kunnen… en die ontwikkelen zich niet zo mooi op gezette tijden.

De spieren van de ene baby zijn eerder sterk genoeg dan die van de andere. En de ene baby heeft zwaardere botten dan de andere, waardoor het zwaarder is om dat lichaam op te tillen. Nu snap je ook waarom in Oei, ik groei! altijd staat dat we de vroegst mogelijke leeftijd opgeven waarop je baby iets kan gaan doen. We beschrijven de leeftijden waarop de hersenen iets aankunnen. Of je baby dat ook daadwerkelijk meteen gaat doen, hangt van zijn lichaam (de voorkeur) af.

Taalgedeeltes actief

Als je naar het sprookje van de kleine zeemeermin kijkt, merk je meteen hoe belangrijk taal is voor ons. Je zou kunnen stellen dat taal essentieel is om je lekker in je vel te voelen. Het is immers de makkelijkste manier om te communiceren. En omdat de mens een sociaal dier is, is communiceren essentieel.

Daarom lees je in hoofdstuk 8 alles over de taalontwikkeling van je baby. Dat er veel informatie over de periode van 2-6 maanden in staat, zal je niet verbazen nu je weet dat de hersengedeeltes die een rol spelen bij taal juist in deze periode erg actief zijn.

Zien: kijken naar patronen

Je baby is de wereld nu helemaal aan het ontdekken. Het zien van dingen speelt daar natuurlijk een heel grote rol bij. Het is dus niet gek dat dit gedeelte in de hersenen nu nog steeds extra actief is. Je baby kijkt het liefst naar de dingen die visualiseren wat hij tijdens de afgelopen sprong erbij heeft gekregen aan waarnemingsvermogen. Net na de sprong van patronen (acht weken na de uitgerekende datum) kijkt hij het liefst naar patronen. Denk dan niet alleen aan het geruite kussentje op de bank, maar ook aan de takken van bomen die afsteken tegen de lucht.

Tijdens de sprong daarna (die van vloeiende overgangen) kijkt hij het liefst naar visuele vloeiende overgangen, zoals die van een mobiele telefoon of een licht dat door middel van een dimmer steeds feller wordt.

Help je baby met leren zien

Als je als ouder weet wat voor nieuwe dingen je baby nu voor het eerst met zijn hersenen kan waarnemen, dan kun je je baby precies die dingen laten zien in je huis en in de omgeving. Daar heb je geen duur speelgoed voor nodig, alleen de wetenschap wat je baby per sprong interesseert. Wel snap je nu hoe belangrijk het is dat je dat weet. De hersenen schreeuwen bijna letterlijk om deze input doordat dit gedeelte in de hersenen nu zo actief is.

Horen en muziek

De verklaring waarom dit gedeelte van de hersenen nu nog steeds zo actief is, is eigenlijk dezelfde als die van het zien. Je ontdekt de wereld ook door geluiden te horen. Het horen van geluiden heeft invloed op de hersenen. Dat geldt niet alleen voor baby’s, maar ook voor volwassenen. Rustgevende muziek maakt rustig, opzwepende muziek maakt energiek. Muziek heeft invloed op je stemming.

Het verhaal doet nog weleens de ronde dat je de ontwikkeling van de hersenen van baby’s kunt beïnvloeden met muziek en dan met name met klassieke muziek. Aangetoond is dat nooit, maar het is ook nooit weerlegd. Dat wil zeggen: er is nog steeds het idee dat dit waar is, maar wetenschappelijk valt het nog niet te onderbouwen. Evenmin als het tegenovergestelde: de hypothese dat muziek met een harde beat een negatieve invloed op de hersenen heeft.

Over één ding is iedereen het weleens: ‘stamp’-muziek maakt een baby niet vrolijker, om maar een understatement te gebruiken. Zet dat soort muziek dus maar even niet op als je baby bij je is. Je hoeft ook niet in één keer Mozart-fanaat te worden. Probeer gewoon verschillende soorten muziek uit en kijk hoe je baby erop reageert. Je baby is nu door zijn ontwikkeling van de hersenen goed in staat om aan te geven wat hij plezierig vindt en wat niet, als jij maar goed let op de signalen die hij geeft.

Oei, ik groei! Online Guide

In het boek Oei, ik groei! lees je werkelijk alles over wat jouw baby nu boeit als het gaat om het waarnemen door middel van het zien, horen en voelen. In de Oei, ik groei! Online Guide leer je je baby’s waarnemingswereld te snappen en zelf te ervaren.

Ontwikkelingstip 1

Help je baby van 2-6 maanden eens om zijn eigen gezicht te aaien, en dan dat van jou. Zo leert hij indirect de grenzen van zijn eigen lichaam kennen. Bovendien werkt dit soort aanrakingen positief op het gevoel van vertrouwen en geborgenheid!

Ontwikkelingstip 2

Je baby is de hele dag druk bezig om de wereld om hem heen te leren kennen. De zintuigen en de hersenen spelen hierbij een grote rol. Van de miljoenen(!) dingen die je baby per dag waarneemt, is hij vooral geïnteresseerd in de dingen die hij vanaf de laatste sprong kan waarnemen. Als jij weet waar je op moet letten, kun je je baby meer in contact brengen met die dingen. Des te meer leert hij en… des te korter duurt de moeilijke periode van een sprong!

Ontwikkelingstip 3

Maak eens verschillende deinende bewegingen met je baby: eerst een paar keer van voor naar achter, dan van links naar rechts, en dan weer van boven naar beneden terwijl je baby bij je in de armen ligt. Het gedeelte in de hersenen dat beweging registreert, is vanaf 3 maanden erg actief en houdt van dit soort verschillende bewegingen. Enne… het is ook nog eens een mooie miniwork-out voor jou!