Borstvoeding en tandbederf

Borstvoeding en tandbederf

Als lactatiekundige krijg ik nogal eens vragen over borstvoeding en tandbederf. Jammer genoeg zijn er nogal wat hardnekkige misverstanden over dit onderwerp. Kinderen die geen borstvoeding krijgen lopen echter een grotere kans op tandbederf op jonge leeftijd.

De manier waarop kinderen aan de borst hun melk binnen krijgen geeft al een groot verschil ten opzichte van drinken uit een fles. Bij de drinktechniek aan de borst zal de melk ver achter in de mond terecht komen en nauwelijks in aanraking zijn met het gebit. Als een kind uit een fles drinkt komt de melk vooral voor in de mond terecht en dus in direct contact met het gebit.

Moedermelk bevat veel natuurlijke suikers, maar is doordat het bacteriedodende eigenschappen bevat geen risico voor tandbederf. In kunstmatige zuigelingenmelk zitten geen bacteriedodende eigenschappen, en daarom werkt dit risicoverhogend als het gaat om tandbederf.

Tijdens de nacht zal de mond van een baby droger zijn omdat er minder speeksel wordt aangemaakt. Dit kan ervoor zorgen dat de kans op cariës groter is. Vooral bij kinderen die geen borstvoeding krijgen. Omdat het drinken uit een fles minder inspanningen van de mond vraagt zullen deze kindjes minder speeksel aanmaken. Drinken uit een borst zorgt voor meer speeksel bij een baby omdat het meer activiteit van de mond vereist. Dus zullen nachtelijke voedingen minder kans op tandbederf geven.

Eigenlijk is het allemaal heel logisch. Het zou ook een vreemd verschijnsel zijn als de voeding die biologisch gezien de norm is tandbederf in de hand zou werken. In de oertijd was een kind met een slecht of zelfs rottend gebit immers een potentieel slachtoffer van honger en gewichtsverlies. Je had als kind en volwassene in die tijd een goed stel tanden nodig om het voedsel te kauwen en te verwerken. Ze hadden toen geen staafmixers en het voedsel was veelal rauw of weinig bewerkt.

Kinderen werden door de moeder gedragen en hadden daardoor meestal onbeperkt toegang tot de borst (zoals de natuur het bedoeld heeft). Toch bleef hun gebit door de talrijke en vaak korte voedingen gaaf en gezond. Onderzoek van kindergebitjes uit die tijd wijst uit dat tandbederf in het Stenen Tijdperk niet of nauwelijks voor kwam.

Het spreekt voor zich dat je als ouder zorg moet dragen voor een goede gebitsverzorging van je zuigeling. Regelmatig poetsen van de tandjes is belangrijk en als je kindje na zes maanden ook ander voedsel gaat nuttigen is het belangrijk dat je gezonde keuzes maakt voor je kind.

Gewoon een kwestie van gezond verstand gebruiken !

Mieke van Rijn-Remans lactatiekundige IBCLC – Lactatiekundige Praktijk Uit Volle Borst

www.uitvolleborst.nl

Meer lezen over tandbederf en gebitverzorging kan je via de volgende literatuurreferenties:

  • Ekstrand KR, Christiansen MEC: Outcomes of a Non-Operative Caries Treatment Programme for Children and Adolescents. Caries Res 2005; 39: 455-467 (DOI: 10.1159/000088180).
  • Fejerskov and Kidd (eds), Dental Caries. The disease and its clinical management. 2nd ed, Blackwell Munksgaard Ltd, Oxford, UK, 2008.
  • Gemert-Schriks MCM van, Amerongen JP van. Cariësmanagement. Ned Tijdschr Tandheelkd 2010; 117: 167-171.
  • Loveren C van, Palenstein Helderman WH van. Regelmatig en zorgvuldig poetsen met fluoridetandpasta is de basis van preventie. NTvT 2010; 117: 161-165.
  • Mohebbi SZ, Virtanen JI, Vahid-Golpayegani M, Vehkalahti MM. Feeding habits as determinants of early childhood caries in a population where prolonged breastfeeding is the norm. Community Dent Oral Epidemiol. 2008 Aug; 36(4): 363-9.
  • Veerkamp J.S.J., Palenstein W.H. van, Helderman. Voedingsadviezen zijn van groot belang bij de cariëspreventie. NTvT augustus 2010; 117: 366-367.
  • http://www.brianpalmerdds.com/caries.htm