Buggyetiquette

Buggyetiquette

 

Buschauffeurs, bezitters van authentieke Volkswagen Kevers en zeilers groeten elkaar. Op voorhand dacht ik dat achter een kinderwagen lopen hetzelfde zou zijn. Ik dacht dat als je een andere ouder tegenkwam, dat je zou belanden in een golf van wederzijdse herkenning, van warmte. De praktijk is anders. We negeren elkaar kennelijk.  

Een kind is natuurlijk ook geen bus, oldtimer of zeilboot. Geen uit de hand gelopen hobby. In ieder geval geen reden om empathisch te groeten. Het is als verwachten dat mensen met een bril elkaar begripvol gaan toezwaaien. Wat boeit het dat die toevallige voorbijganger dezelfde aandoening heeft als jij?

Er is een uitzondering. Opa’s en oma’s. Zij willen achter de kinderwagen nog wel zo af en toe vriendelijk knikken als ik Arthur voortduw. Voor hen is het wel een beetje als het bezitten van een oldtimer. Met het kind van je kind is het duidelijk veel ontspannener pronken.

Voor jonge ouders gelden helaas andere ongeschreven regels. Ik weet nog dat we voor het eerst met Arthur naar buiten gingen, aan het eind van de kraamweek. Een mijlpaal waar we naartoe hadden geleefd.

Het tonen van onze roze wolk aan de buitenwereld was een gezonde deceptie. Alles en iedereen ging gewoon door alsof er niets aan de hand was. Net als altijd vervolgde iedereen zijn of haar weg. Ze gingen met ons om zoals ook ik al mijn hele leven met wildvreemde voorbijgangers omga. De onverschilligheid van de buitenwereld – die ik vaak als prettig ervaar – gaf me een klap in het gezicht.

Hoe anders wij ons voelden, zo normaal bleken we in het straatbeeld. Zo simpel is het ook. Een kinderwagen moet niet denken dat het een bus, Kever of zeilboot is. Het vervelendste is misschien wel, dat ik dat stukje bij beetje ook steeds minder jammer begin te vinden.