Buurmannetje

Buurmannetje

Mijn bovenburen hebben sinds kort ook een baby. Wat is hij klein. Het gekke is dat die fase bij Arthur eeuwen terug lijkt – afgelopen zomer dus. Ik durfde het nieuwe buurmannetje haast niet vast te pakken, zo kwetsbaar. Terwijl ik er bij mijn eigen jongetje geen seconde over na dacht.

Toen ik de buurman, ergens in de kraamweek, bij de voordeur tegenkwam, liet hij me – onbewust – zien hoe het zat. Hij was overduidelijk in de kers-verse-vader-manie. Een cocktail van slaapgebrek, gelukzaligheid, paniek en overmoed.

Hij zei met glinsteroogjes dingen als dat luiers verschonen geweldig was. Herkenbaar. Althans, dat gevoel moet ik toch ook ooit hebben gehad. Nog maar enkele maanden terug. Er helemaal bij kan ik kennelijk al niet meer. Ik merkte dat ik een beetje jaloers was op deze man.

Hoewel ik als geen ander weet hoeveel gedoe en slaapgebrek hij tegemoet ging, weet ik ook hoe extatisch die periode kan zijn. Als de ouder zonder baarmoeder leer je dan wel heel snel je tekortkomingen, de zegeningen zijn ook glashelder.

Erover praten gaat ons wel een stuk slechter af. Mijn vriendin had continu appcontact met de pas bevallen buurvrouw. Voor even werden ze deze periode behoorlijk goede vriendinnen. Mijn schouderklopje en zijn korte manische rede waren alles wat ik en de bovenbuurman in deze periode deelden. Toch was het niet minder gemeend.