Je baby en reflux

Je baby en reflux

Als de maaginhoud van je baby in zijn slokdarm of mond terugkomt, dan heet dat reflux. Deze aandoening wordt voluit gastro-oesofageale reflux genoemd. Reflux komt bij baby’s regelmatig voor omdat bij baby’s de sluitspier tussen de slokdarm en de maag nog niet helemaal ontwikkeld is. Hierdoor kan de maaginhoud van je baby dus omhoog komen.

Er zijn twee vormen van reflux:

1. Gewone reflux:

Bij gewone reflux spuugt de baby regelmatig.

2. Verborgen reflux:

Bij verborgen reflux komt de maaginhoud wel omhoog, maar de baby spuugt het niet uit. De voeding komt dan bijvoorbeeld in de keel waarna het weer terugzakt.

Tijdens het eerste jaar wordt de sluitspier tussen de slokdarm en de maag steeds sterker. Daardoor neemt de kans op reflux, hoe ouder je baby is, steeds meer af. De meeste klachten verdwijnen helemaal tijdens het eerste levensjaar.

Hoe herken je reflux?

Als je baby gedronken heeft, kan hij een beetje melk uitspugen of een mondje teruggeven. Ook kan er wat voeding meekomen tijdens het boeren of je baby heeft de hik. Ook kan hij een beetje hoesten. Dit is op zich normaal en als je baby verder vrolijk is en goed groeit, hoef je je geen zorgen te maken. Reflux komt bij veel baby’s voor. Bij de volgende symptomen is het verstandig om contact op te nemen met je huisarts:

  • Als je baby huilt na een voeding
  • Als je baby veel spuugt en overgeeft
  • Als je baby steeds flink moet hoesten na een voeding
  • Als je baby slecht slaapt
  • Als je baby een groeiachterstand heeft

Tips:

Heeft je baby last van reflux, dan kunnen de volgende tips helpen:

  • Houd je baby na het voeden minimaal twintig minuten rechtop.
  • Laat je baby vaker kleine porties eten of drinken.
  • Als je je baby flesvoeding geeft, kun je hem tijdens een voeding iedere drie minuten laten boeren.
  • Laat de voeding van je baby zakken. Doe niet direct na een voeding drukke of wilde spelletjes.
  • Je kunt de voeding iets indikken met bijvoorbeeld johannesbroodpitmeel. Je kunt dit toevoegen aan een fles met kunstvoeding of aan een flesje met afgekolfde moedermelk. Vraag je huisarts of consultatiebureau hierover om advies.