Hersenontwikkeling in grote lijnen

Hersenontwikkeling in grote lijnen

Hersenontwikkeling in grote lijnen

Het lijkt wel een biologieles, maar om goed te snappen hoe je baby zich ontwikkelt, is het handig als je in grote lijnen weet hoe het brein samenwerkt met de rest van het lichaam.

De hersenen maken deel uit van het zenuwstelsel. Dit stelsel bestaat naast de hersenen uit het ruggenmerg en de zenuwen in je lichaam.

Je hersenen besturen eigenlijk je hele lichaam. Ze vertellen een lichaam wanneer het been opgetild moet worden tijdens het lopen, en andersom krijgen ze signalen van het lichaam als het lichaam voedsel nodig heeft, honger heeft.

Kortom: de hersenen communiceren de hele dag met het lichaam. Dat gaat via het ruggenmerg en de zenuwen die zich overal in je lichaam bevinden. Deze drie samen staan in verbinding met elkaar en zorgen ervoor dat jij kan doen wat je wilt doen.

Connecties maken: een elektrisch circuit en transportweg

Als je baby geboren wordt, zijn de hersencellen al grotendeels aangelegd, of wellicht zelfs helemaal, zoals recent onderzoek lijkt aan te tonen (UMC Utrecht, 2014). Al die zenuwcellen aan elkaar kan je vergelijken met een hele grote bos elektrische bedrading, helemaal ingerold, opgerold en door elkaar liggend.

Vergelijk de hersenen met een elektrisch circuit. Bij je baby zijn grote gedeeltes van deze bedrading nog nergens op aangesloten. De connecties die hij in ‘zijn bedrading’ moet maken, maakt hij grotendeels in het eerste levensjaar en deze geven hem een voorsprong in het leven.

De Engelsen zeggen weleens ‘if you don’t use it, you lose it’. Oftewel: als je het niet gebruikt verlies je het. Kortom: hoe meer jij je baby helpt bij het aanleggen van deze circuits, hoe beter het voor de hersenontwikkeling. Maar hoe ziet die anatomische ontwikkeling eruit in de hersenen?

Drukke boel in de bovenkamer van je baby!

Hersencellen hebben een soort ‘vingers’ op het uiteinde zitten. Als die vingers de vingers van een andere hersencel aanraken, is er een connectie. Hoe meer hersencellen, hoe meer mogelijke connecties.

Je baby heeft momenten waarop hij 250.000 neuronen, hersencellen, per minuut aanmaakt! Als al die hersencellen vijf vingers hebben waarmee ze verschillende andere hersencellen aan kunnen raken om een verbinding te maken… dan snap je dat het een drukke boel is in de hersenen van je baby.

Van zandweg naar snelweg

Vergeet even het vergelijk van de hersenen met de elektrische bedrading, en vergelijk de hersenen nu met een transportweg. Immers, de hersenen vervoeren ook, al zijn het geen tastbare goederen, maar informatie.

Als de neuronen een eerste connectie gemaakt hebben, kan er informatietransport plaatsvinden. Wel langzaamaan, want de connectie is niet stevig. Daarom het vergelijk met een hobbelig zandweggetje. Je kan eroverheen, maar wees voorzichtig en ga vooral niet al te hard. Hoe steviger de connectie tussen de neuronen, hoe steviger de weg, hoe harder erop gereden kan worden.

Hoe meer connecties je brein dus maakt, hoe meer informatieoverdracht er kan plaatsvinden en hoe sneller die informatieoverdracht gaat. Kortom, hoe meer connecties, hoe meer ‘brain power.’

Boetes of kortsluiting

Als je een elektrisch circuit te zwaar gebruikt, ontstaat er kortsluiting. Als je te hard rijdt op de snelweg, krijg je een boete. In bepaalde mate geldt dat ook voor de hersenen. Je moet de hersenen stimuleren om zo connecties aan te maken en ze steviger te maken. Echter, alles waar ‘te’ voor staat is gewoon niet goed.

Kijk dus altijd naar je baby. Als het hem even te veel wordt, stop je. Ook als het iets leuks is. Een baby moet de kans krijgen alles even te verwerken. Vaak gaat dat heel snel. Je baby draait zich even van je af (daarmee geeft hij aan dat het hem even te veel is en hij het even moet verwerken) en daarna kijkt hij weer terug (hij is er weer klaar voor, spelen maar!).