Van een roze wolk naar donderwolk…

Van een roze wolk naar donderwolk…

Al ruim een jaar zit ik op een knal roze wolk waar na ruim 4 maanden ineens even een enorme donderwolk boven hing. Ik werd ziek en na een zoektocht werd al snel duidelijk, ik word niet meer beter! De grootste donderwolk was niet eens zozeer mijn ziek zijn, maar wel dat ik na 4 maanden moederschap niet eens voor mijn eigen kind kon zorgen.

De ballen vallen langzaam één voor één naar beneden. Ik hoor ze om en om met een zachte bons op de grond vallen en soms stuitert er nog één omhoog, maar ik heb de kracht niet om die te vangen. Het lukt niet om ze allemaal tegelijkertijd hoog te houden. Daar heb ik de energie niet voor, ik ben moe. Het zit hem in het verdelen van je energie, maar wat nou als ik die energie helemaal niet heb. De 1,5 week voor mijn medicijn is het aller zwaarste. Mijn lontje is korter. De vermoeidheid pakt me op de minst goede momenten en de pijn verveeld zich tussen m’n bekken, armen, benen en nek. Het gevoel valt en staat tussen hopeloosheid en zorgen.

De zwangerschap, de bevalling en de hele kraamtijd was zo goed als zorgeloos en het voelde alsof ik dit m’n hele leven al deed. Ik kon letterlijk de wereld aan en genoot volop. Mijn dochtertje was nog net geen 5 maanden toen ik me niet lekker begon te voelen. De dagen versleten met weinig eetlust, vermoeidheid, afvallen, koorts en zwakte. Mijn slapeloze nachten bestonden niet uit een wakkere baby, maar uit strompelende, kruipende sessies naar het toilet wel 20 tot 25x en dan hebben we het alleen nog maar over de nacht. De dagen verstrijken en ik begin bloed te verliezen, veel bloed. De onderzoeken lopen snel en binnen weken word ik met spoed opgenomen in het ziekenhuis, ik kan niet meer. Ik krijg weinig mee van die dagen. Langzaam begon alles in mijn lijf op een laag pitje te draaien en draaide mijn hoofd op de automatische piloot.

In de dagen die volgen overspoeld er een vlaag van pijn, verdriet, schaamte en teleurstelling. Ik mocht 5 maanden eerder het allermooiste doen wat er bestaat en nu kan ik zelf niet eens voor haar zorgen. In een vingerknip wordt dat gevoel vaag, want ik kan ook echt niks, ik ben ziek, heel ziek. Een bacterie overspoeld de diagnose die ik eerder die week kreeg. Ik heb een chronische darmziekte Colitis Ulcerosa.

Door die bacterie én omdat mijn dochtertje nog zo klein is krijg ik de melding dat ik haar in het ziekenhuis niet mag ontvangen. Dit is letterlijk janken met de kraan open, voor elke ouder maar helemaal voor een kersverse. Ik kan niet voor haar zorgen én mag haar niet zien in levende lijven. Ik mag haar niet vasthouden, niet knuffelen en geen kusjes geven wanneer ik dat wil. Ze keken naar mij met de dag, elke nacht in de eerste dagen stonden er artsen langs mijn bed omdat het niet goed ging met mij.

Maar nu is dit voor altijd, moeten we het doen met de energie die het ons geeft. Geniet ik nóg meer van haar. Dat ik haar heb mogen krijgen, helemaal nu dit nóg specialer is en met een compleet andere lading dan verwacht. Zó bijzonder dat wij moeders doorgaan, door kunnen gaan en het voor elkaar krijgen ook! Soms een beetje via een langere weg dan een ander, maar het is wel je eigen weg!

Leandra