Eenkennigheid

Het verschijnsel dat jonge kinderen verlegen zijn tegenover personen die niet tot het eigen gezin behoren en zich aan de vader of moeder vastklampen in een onbekende omgeving. Eenkennigheid treedt doorgaans voor het eerst op in het tweede halve levensjaar van jonge kinderen, vooral bij kinderen van circa acht maanden (eenkennigheid wordt soms dan ook achtmaandenangst genoemd). De eenkennigheid duurt soms tot het kind anderhalf à twee jaar oud is. Eenkennigheid wordt in het algemeen teruggevoerd op angst, scheidingsangst, en een onvertrouwd gevoel in een vreemde omgeving.